Anton Došen

Literatuur van Anton Došen

Belangrijke publicaties

Terugkijkend op de laatste 30 jaar kan men in het (wetenschappelijk) denken van Anton Došen vier stadia onderscheiden. Deze stadia zijn gekoppeld aan wetenschappelijke ontwikkelingen binnen de psychiatrie, psychologie en pedagogiek in het algemeen, en aan zijn groeiende werkervaringen met mensen met een verstandelijke beperking in het bijzonder. De ontwikkeling van zijn gedachtegoed illustreren we aan de hand van vier boeken:

1. A. Došen (1983): Psychische stoornissen bij zwakzinnige kinderen; Swets en Zeitlinger, Lisse.

2. A. Došen (1990): Psychische en gedragsstoornissen bij zwakzinnigen; Boom, Amsterdam.

3.  A. Došen (2005)  Psychische stoornissen, gedragsproblemen en verstandelijke handicap; Van Gorcum, Assen.

4.  A. Došen, Gardner W., Giffiths D., King R., Lapointe A. (2007);  Practice Guidelines and Principles; Assessment, Diagnosis, Treatment and Related Support for Persons with Intellectual Disabilities and Problem Behaviour; CCE, Gouda.

 

In het eerste boek, zijn proefschrift ‘Psychische stoornissen bij zwakzinnige kinderen’ werd psychische problematiek bij mensen met verstandelijke beperking geduid als comorbiditeit. Het verschijnsel, dat zelfs kinderen met een verstandelijke beperking aan psychiatrische stoornissen kunnen lijden – en daardoor problematisch gedrag kunnen vertonen – was in die tijd een belangrijke ontdekking. Hierdoor werd de noodzaak van psychiatrisch onderzoek en diagnostiek bij deze kinderen onder de aandacht van hulpverleners gebracht. Psychiatrische stoornissen bleken met succes te kunnen worden behandeld. Niet alleen medicamenteuze en gedragstherapeutische behandelingen, maar ook verbale en non-verbale psychotherapeutische methodes bleken bij deze kinderen goed te kunnen worden toegepast.

Het tweede boek ‘Psychische en gedragsstoornissen bij zwakzinnigen’ ging dieper in op de analyse van de psychische gesteldheid en het sociaal gedrag van de mens met onderontwikkelde cognitieve vermogens. De psychische problematiek werd in de context van de ontwikkelingsdynamiek van biologische, psychische en sociale aspecten geplaatst. In dit verband werd de term ‘ontwikkelingsdynamische benadering’  ingevoerd. Persoonlijkheidsontwikkeling en emotionele ontwikkeling kregen bijzondere aandacht. De bestaande psychodynamische en neurofysiologische theorieën werden benut voor ontwikkeling van een schema van emotionele ontwikkeling (SEO). Het niveau van emotionele ontwikkeling ging een belangrijke rol spelen in de verklaring en het begrijpen van psychische problematiek bij deze mensen. De noodzaak van gespecialiseerde instanties voor hulpverlening bij psychische problematiek (gespecialiseerde geestelijke gezondheidszorg) bij deze mensen werd benadrukt.   

In ‘Psychische stoornissen, gedragsproblemen en verstandelijke handicap’ werd een vervolgstap gezet op de weg van de verklaring van psychische problematiek bij deze populatie. Recentelijke ontdekkingen op gebieden van de cognitieve neurowetenschap, de moleculaire neurobiologie en met betrekking tot het ontwikkelingsperspectief werden geïntegreerd in al bestaande theoretische  overwegingen betreffende de achterliggende oorzaken van de psychopathologie bij deze populatie. De ontwikkelingsdynamische benadering werd uitgebreid tot een Integratieve benadering. Het emotionele niveau en de persoonlijkheidsontwikkeling gingen een belangrijke rol spelen bij onderzoek en diagnostiek, evenals het ontdekken van de innerlijke belevingswereld en het in kaart brengen van de aard van de denkprocessen. De ontwikkelingsaspecten werden als een vierde dimensie (naast biologische, psychologische en sociale dimensies) aan het psychiatrisch model toegevoegd. Het adequaat inspelen op de basale emotionele behoeften werd en wordt beschouwd als voorwaardelijk en noodzakelijk voor de psychosociale ontwikkeling en de geestelijke gezondheid van deze mensen. Het ontdekken van het ontstaansmechanisme van de psychopathologie werd als een wezenlijke deel van de integratieve diagnose beschouwd. Betoogd werd, dat behandeling moest worden gebaseerd op de integratieve diagnose en gesitueerd binnen de vier genoemde dimensies.

‘Practice Guidelines and Principles’ tenslotte, is in 2007 ontstaan in samenwerking en overeenstemming met een aantal internationaal bekende deskundigen. Gedrag wordt gezien als een sociale interactie tussen de persoon en zijn omgeving en moet als zodanig gerelateerd worden aan enerzijds de bio-psycho-sociale en ontwikkelingsaspecten van de persoon en anderzijds aan de sociale, culturele en andere aspecten van de omgeving. Onderkenning van de aspecten en processen die tot probleemgedrag en psychiatrische stoornis leiden is wezenlijk voor een adequate behandeling. Een concept van ‘normaal gedrag’ bij een persoon met een verstandelijke beperking is ontwikkeld en de praktische betekenis ervan wordt besproken.   

 

Commentaar en conclusie van de auteur

“Volgens Kegan (1994) zijn er twee basale stappen in wetenschappelijk denken te onderscheiden: 1) een entiteit-georiënteerde perceptie (ontdekking van het fenomeen met taxonomie en classificatie),  en 2) een proces- georiënteerde perceptie (met nadruk op de ontwikkeling -verklaring en begrijpen -van het fenomeen). 

In retrospectief zijn deze beide stappen in de hierboven besproken publicaties terug te vinden. Toch was het zoeken naar de juiste weg niet zonder dwalen (bijvoorbeeld  in het eerste boek een poging om enkele nieuwe diagnostische categorieën in te voeren of een strenge indeling in stoornissen ontstaan door problemen in emotionele ontwikkeling en verworven psychische stoornissen in het tweede boek). Desondanks, door het leren vanuit de multidisciplinaire praktijk en door de ontwikkelingen in de wetenschap in het algemeen, kon ik mijn oorspronkelijk denken corrigeren. Zoals in het derde en vierde boek nadrukkelijk naar voren gebracht wordt, verklaar en begrijp ik psychische en gedragsproblematiek bij mensen met een verstandelijke beperking nu binnen de context van hun bio-psycho-sociale ontwikkeling, binnen hun levensomstandigheden en binnen de sociale en culturele aspecten van hun omgeving.

Verder onderzoek in dit veld is onmisbaar. Hopelijk  kan mijn werk als een basis en stimulans voor andere wetenschappers in dit veld dienen.” 

Reacties

Jacques Heijkoop 23-10-2012, 12:26

Een helicopterview met toenemende breedte en diepgang! Waar vindt je die nog in de huidige wetenschaps beoefening die zich laat kenmerken door toenemende fragmentatie.

Beantwoord

Reageer


Lettergrootte

De week van Anton Došen

Een onzichtbare muur – ook in tijden van oorlog

"Die nacht droomde ik dat ik samen met mijn moeder en vele anderen door het bos vluchtte, terwijl er om mij heen granaatbommen ontploften. Ik was niet bang en het voelde alsof ik naar een film keek, waarin ik een van de acteurs was."
Lees verder

Portret van Anton Došen

Didier Rammers sprak met Anton Došen over zijn jeugd en opleiding in Joegoslavië. Došen kwam naar Nederland om zich tot kinderpsychiater te specialiseren. Ook zijn gedachtegoed komt uitgebreid aan de orde. De sociaal-emotionele ontwikkeling is daarbij een belangrijk thema, evenals integratieve beeldvorming en integratieve behandeling en de relatie tussen psychopathologie en gedragsproblemen.
Lees verder

Literatuur van Anton Došen

Anton Došen kijkt terug op vier belangrijke publicaties en geeft zijn commentaar.
Lees verder

Biografie van Anton Došen

Ontdekken van de gedragsproblematiek bij kinderen met verstandelijke beperking en autisme was bepalend voor de loopbaan van Anton Došen. Hij werkte als psychiater voor mensen met een verstandelijke beperking.
Lees verder

Naam: Anton Došen

Geboortedatum: 26 december 1939

Geboorteplaats: Rizvanusa, Kroatië

Opleiding: gymnasium en medicijnen, specialisatie psychiatrie en kinderpsychiatrie

Functie: Psychiater voor mensen met een verstandelijke beperking

Burgerlijke staat: getrouwd, twee kinderen

Hobby’s: muziek, tennis, golf en lezen

Vragenvuur: meer informatie